afstand

mannelijk (de)/ˈɑfstɑnt/

Wat is de betekenis van afstand?

afstand betekent: de (meetbare) ruimte tussen twee niet samenvallende objecten

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de (meetbare) ruimte tussen twee niet samenvallende objecten
  2. ~ doen van iets: geen aanspraak meer doen op eigendomsrechten, schenken, doneren, cessie, geven, afstaan

Voorbeelden van "afstand" in een zin

  • Van hier naar de noordpool is een behoorlijke afstand.
  • De bergpaden waren steiler, de zon heter, de slangen groter en de afstanden tussen waterpunten langer dan ik me had voorgesteld.
  • Wel moesten Zweden 1,5 meter afstand van elkaar houden op straat.
  • Het meisje deed met moeite afstand van haar lievelingsbeer.

Etymologie

* van afstaan

Vertalingen

Engelsdistance, cession, renunciation
Fransdistance
DuitsAbstand
Spaansdistancia, cesión
Italiaansdistanza
Poolsodległość