afstap

mannelijk (de)/'ɑfstɑp/

Wat is de betekenis van afstap?

afstap betekent: een trede waardoor men lager kan komen o.a. nodig om uit een autobus te kunnen stappen.

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een trede waardoor men lager kan komen o.a. nodig om uit een autobus te kunnen stappen.

Voorbeelden van "afstap" in een zin

  • De oude vrouw miste het afstapje waardoor ze viel en haar heup brak.