afstemmen
/'ɑfstɛmə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov), (muziek) op de juiste toonhoogte brengenDe eerste snaar wordt op een stemvork afgestemd.
- (ov) op de juiste frequentie instellenWe stemden de radio af op deze zender.
- iets zo regelen dat het voor iedereen passend isWij stemden onze agenda's op elkaar af zodat we maandagochtend een vergadering konden houden.
- iets zo regelen dat he samen één geheel vormt
- (ov) bij stemming verwerpenHet voorstel werd afgestemd.
Vertalingen
Engelstune, tune in, vote down
Spaanssintonizar, rechazar
Italiaanssintonizzare
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek