afwas
mannelijk (de)/'ɑfwɑs/
Wat is de betekenis van afwas?
afwas betekent: het afwassen, het af te wassene
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het afwassen, het af te wassene
Voorbeelden van "afwas" in een zin
- Terwijl Dora de afwas doet ziet ze door het raam de houten wolf die al klaar is op de trap zitten.
Etymologie
* (nomact) afwassen
Vertalingen
Engelswashing-up
Fransvaisselle
DuitsAbwasch
Spaansplatos sucios
Poolszmywanie
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek