afwezigheid
Wat is de betekenis van afwezigheid?
afwezigheid betekent: het afwezig zijn op een bepaald tijdstip en plaats
Betekenis
- het afwezig zijn op een bepaald tijdstip en plaats
Voorbeelden van "afwezigheid" in een zin
- Het was nog te vroeg om te weten of ik blind en/of dwaas was geweest om zo lang van huis te zijn. De tijd zou uitwijzen wat de gevolgen van mijn lange afwezigheid zouden zijn op mijn kinderen.
Betekenis en uitleg van afwezigheid
Afwezigheid verwijst naar het ontbreken of niet aanwezig zijn van iemand of iets op een bepaalde plaats of in een specifieke situatie. Het kan zowel fysiek als emotioneel zijn, waarbij iemand niet alleen fysiek afwezig kan zijn, maar ook geestelijk of sociaal niet betrokken.
Dit woord wordt vaak gebruikt in situaties waarin iemand niet aanwezig is, zoals bij een bijeenkomst, school of werk. Het kan ook verwijzen naar een gevoel van isolement of het missen van een belangrijke ervaring. Afwezigheid kan ook een impact hebben op relaties, bijvoorbeeld wanneer iemand emotioneel afwezig is, wat kan leiden tot miscommunicatie of afstand.
Voorbeelden
- Haar afwezigheid tijdens de vergadering viel op, waardoor we ons afvroegen waar ze was.
- De afwezigheid van geluid in de kamer maakte het nog ongemakkelijke.
- Zijn afwezigheid in de klas resulteerde in een lagere cijfer voor het vak.
Woordoorsprong
Het woord 'afwezigheid' is samengesteld uit 'afwezig', wat betekent dat iemand of iets niet aanwezig is, en het achtervoegsel '-heid', dat gebruikt wordt om een toestand of kwaliteit aan te duiden. Het heeft dus betrekking op de staat van niet aanwezig zijn.
Veelgestelde vragen over afwezigheid
Wat is de betekenis van afwezigheid?
afwezigheid betekent: het afwezig zijn op een bepaald tijdstip en plaats
Welk woordgeslacht heeft afwezigheid?
afwezigheid is een vrouwelijk (de).
Hoe gebruik je afwezigheid in een zin?
Voorbeeld: “Het was nog te vroeg om te weten of ik blind en/of dwaas was geweest om zo lang van huis te zijn. De tijd zou uitwijzen wat de gevolgen van mijn lange afwezigheid zouden zijn op mijn kinderen.”
Etymologie
*Afgeleid van afwezig