airline

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɛːrlɑjn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. luchtvaart, bedrijfskunde (luchtvaart), (bedrijfskunde) bedrijf dat vliegtuigen exploiteert
    De Somalische man die vorige week een aanslag pleegde op een vliegtuig van de Somalische luchtvaartmaatschappij Daallo Airlines, had eigenlijk op een vlucht van Turkish Airlines moeten zitten. Dat heeft de topman van Daallo gezegd tegen de media.
    Zo was er een advertentie in de geschreven pers die verschillende beweringen bevatte. Onder een kopje 'Europe's lowest fares, lowest emissions airline stond: "Ryanair heeft de laagste koolstofdioxide-uitstoot van welke grote vliegmaatschappij dan ook - 66 gram per gevlogen passagiers-kilometer."

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels