ambachtsman

mannelijk (de)/ˈɑmbɑx(t)sˌmɑn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) iemand die met een ambacht zijn brood verdient
    Een figuratieve ambachtsman die flirtte met pop-art, die niks moet hebben van het minimalisme van grote rode vlakken of barbaarse abstracte kunst, maar portretten maakt en reusachtige kleurrijke natuurschilderingen. Een vrolijke, innemende snuiter bovendien. de Volkskrant John Schoorl25 februari 2019 [https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/81-jarige-kunstenaar-david-hockney-woont-in-los-angeles-met-zijn-entourage-en-komt-de-dag-door-met-heel-veel-sigaretten-maar-zonder-alcohol~b394910a/ 81-jarige kunstenaar David Hockney woont in Los Angeles met zijn entourage en komt de dag door met heel veel sigaretten, maar zonder alcohol]
    Binnen een paar dagen had de ambachtsman een schitterende luit gemaakt, en toen de jongeman hem aanpakte, was het alsof hij zijn handen in een paar perfect passende handschoenen stak.
    'Ik doe mijn best een goed ambachtsman te worden, daar kunt u op rekenen.

Vertalingen

Engelsartisan
Spaansartesano