amputeren

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov, medisch (ov), (medisch) een lichaamsdeel chirurgisch verwijderen
    Ze kloven {{sic!|kloofden
    Frederik zou nog liever een been amputeren dan aalmoezen van zijn jongere broertje aan te nemen.
    Gelukkig hadden ze haar grote teen niet hoeven amputeren, dan was ze haar hele leven invalide geweest.

Etymologie

*Van het Engelse amputate of het Franse amputer, van het Latijnse 'amputare'

Vertalingen

Engelsamputate
Fransamputer
Duitsamputieren, entfernen
Spaansamputar
Italiaansamputare
Poolsamputować