antifouling
mannelijk/vrouwelijk (de)/ɑnti'fɔulɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- maatregelen die zorgen dat de aangroei van algen en schelpen aan de buitenzijde van een scheepsromp wordt geremd
Etymologie
* uit het Engels
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek