arts-assistent

mannelijk (de)/ɑrtsɑsi'stɛnt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch, beroep (medisch) (beroep) een arts die zijn studie geneeskunde heeft afgerond en volledig bevoegd is, en in opleiding is tot specialist

Etymologie

* (samenkoppeling) van arts en assistent