asfaltpapier

onzijdig (het)/ˈɑsfɑltpɑˌpir/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. flexibele, waterdichte dakbedekking waarin teer is verwerkt
    Ik spijkerde een stuk asfaltpapier over het dak om het waterdicht te maken en legde er een paar oude dekens in om op te liggen.
    De meeste woningen hadden een lessenaarsdak met asfaltpapier en een aanleunplee.” Walcheren telt nog ongeveer dertig van dergelijke „monumenten van bescheidenheid”, weet de vice-voorzitter van de Boerderijenstichting Zeeland. „Ze zijn nu vaak in gebruik als opslagruimte of kippenhok.”

Vertalingen

Engelsasphalted paper, asphalt paper