Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

ash' leeuwerik

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een zangvogel uit de familie (leeuweriken). De soort werd in 1982 door de Britse ornitholoog Peter Colston geldig beschreven en als eerbetoon vernoemd naar zijn collega John Sidney Ash. Het is een bedreigde, endemische vogelsoort in Somalië

Etymologie

*(coll)