askegel

mannelijk (de)/'ɑskeɣəl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verbrand stuk sigaar of sigaret dat nog niet van de sigaar of sigaret is gevallen
    Hockney houdt zijn sigaret omhoog, de askegel valt op de grond. ‘Heeft iemand een asbak voor David?’ de Volkskrant John Schoorl25 februari 2019 [https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/81-jarige-kunstenaar-david-hockney-woont-in-los-angeles-met-zijn-entourage-en-komt-de-dag-door-met-heel-veel-sigaretten-maar-zonder-alcohol~b394910a/ 81-jarige kunstenaar David Hockney woont in Los Angeles met zijn entourage en komt de dag door met heel veel sigaretten, maar zonder alcohol]
    De askegel werd groter, kromde zich en viel uiteen op de vloer.