assimileren
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) gelijkvormig maken, gelijkstellen
- (ov) (biologie) (voedingsstoffen) opnemen en in organisch weefsel omzetten
- (ov) doen opgaan van een minderheidsgroep in een gevestigde gemeenschap, waarbij de geabsorbeerde groep onderscheidende kenmerken verliestDe politieke partij staat voor een integratiebeleid dat als uiteindelijk doel heeft om de minderheden te assimileren.
- (ov) (taalkunde) twee aangrenzende klanken geheel of gedeeltelijk gelijkmaken
- (erga) zich aanpassen (waarbij men onderscheidende kenmerken verliest)
- (erga) (taalkunde) twee aangrenzende klanken geheel of gedeeltelijk gelijk worden
Etymologie
*afgeleid van het Franse assimiler ()
Vertalingen
Engelsassimilate
Fransassimiler
Spaansasimilar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek