atriumfibrilleren
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een hartritmestoornis waarbij de boezems (atria) van het hart niet meer zoals normaal samentrekken na een ontlading van de sinusknoop maar veel te snel en onregelmatig samentrekken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek