atrium
Wat is de betekenis van atrium?
atrium betekent: (medisch) voorkamer van het hart
Betekenis
- (medisch) voorkamer van het hart
- (bouwkunde) een centrale ruimte in een gebouw
Voorbeelden van "atrium" in een zin
- Ik had verwacht in een atrium vol ratelende typistes te komen werken, maar ik was alleen.
- Voor hen opende zich een onverwacht atrium van intens gouden licht, een enorme ruimte die minstens over de helft van het huis liep, met een plafond van balken die bijna versplinterden van ouderdom, en gepleisterde muren vol scheuren.
Betekenis en uitleg van atrium
Een atrium is een open ruimte in een gebouw, vaak met een dak dat licht binnenlaat. Het wordt vaak gebruikt als centrale hal of ontmoetingsplek en kan een gevoel van ruimte en licht geven aan de omgeving.
Het woord 'atrium' wordt vaak gebruikt in de architectuur en kan verwijzen naar zowel moderne als historische gebouwen. In een woning kan een atrium een elegante binnenplaats zijn die de verschillende ruimtes met elkaar verbindt. Het creëert een sfeervolle ambiance en kan ook bijdragen aan de ventilatie en verlichting van de ruimte.
Voorbeelden
- In het atrium van het kantoorgebouw stonden planten en banken, waardoor het een uitnodigende plek werd voor medewerkers om te ontspannen.
- De architect ontwierp een prachtig atrium dat het daglicht gezellig naar binnen liet stromen, wat de hele sfeer van het huis verbeterde.
- Tijdens de rondleiding door het museum viel het enorme atrium op, met zijn hoge glazen plafond en indrukwekkende kunstinstallaties.
Woordoorsprong
Het woord 'atrium' komt uit het Latijn, waar het oorspronkelijk een binnenhof of centrale ruimte in een huis betekende.
Veelgestelde vragen over atrium
Wat is de betekenis van atrium?
atrium betekent: (medisch) voorkamer van het hart
Hoeveel betekenissen heeft atrium?
atrium heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft atrium?
atrium is een onzijdig (het).
Wat zijn synoniemen van atrium?
Synoniemen van atrium zijn: boezem, voorkamer, hartboezem.
Hoe gebruik je atrium in een zin?
Voorbeeld: “Ik had verwacht in een atrium vol ratelende typistes te komen werken, maar ik was alleen.”
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘centraal deel van Romeinse woning’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1661