avondkleding

vrouwelijk (de)/ˈavɔntˌkledɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kleding (kleding) met avondfeesten gedragen kleding
    Voor de gelegenheid was er avondkleding voorgeschreven.
    Ik had zelf ook iets meer aandacht aan mijn outfit moeten besteden, bedenk ik. Maar Lot had gezegd dat we geen avondkleding nodig zouden hebben. Gelukkig zit er schuin voor ons een stel dat er ook heel casual uitziet.

Vertalingen

Engelsevening dress
Franstenue de soirée
DuitsAbendkleidung
Spaanstraje de noche, vestido de noche
Zweedsaftonklänning