woorden
boek
Start
›
B
›
baanwachtershuis
baanwachtershuis
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
bouwkunde, spoorwegen
(bouwkunde) (spoorwegen) woning van de persoon die toezicht houdt op een (deel van een) spoorweg
Synoniemen
baanwachterswoning
seinhuis
blokhuis
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← baanwachters
baanwachtershuisje →