Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
balboos
mannelijk/vrouwelijk (de)/bɑlˈbos/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- heer des huizes, gemeentelid, vaste synagogebezoeker
Etymologie
* Herkomst: Jiddisj
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
* Herkomst: Jiddisj