banaal

baˈnal

Wat is de betekenis van banaal?

banaal betekent: gewoontjes, saai en voorspelbaar, weinig verheven of de zintuigen prikkelend, platvloers

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met boekreferenties gewoontjes, saai en voorspelbaar, weinig verheven of de zintuigen prikkelend, platvloers

Voorbeelden van "banaal" in een zin

  • Ik hou van schone en van banale dingen.

Etymologie

van Frans banal, in de betekenis van ‘alledaags’ aangetroffen vanaf 1866

Vertalingen

Engelsbanal, commonplace
Fransbanal
Poolsbanalny
Spaanstrivial, banal
csbanalní