bandenspoor
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de afdruk van rijdende banden op de ondergrondEen paar meter verderop, in de grasstrook tussen ventweg en autoweg, is een ander bandenspoor zichtbaar. „Van het ongeluk waarbij die vijf gewonden vielen”, aldus Van der Meulen. NRC Karin de Mik 14 december 2016
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek