bandwerk
onzijdig (het)/'bɑntwɛrk/
Wat is de betekenis van bandwerk?
bandwerk betekent: zaken die men in groten getale maakt zonder veel variatie
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- zaken die men in groten getale maakt zonder veel variatie
- bandvormige versiering in een bouwwerk
Voorbeelden van "bandwerk" in een zin
- Grunberg was een fabriekje geworden, en er raakte sleet op de kwaliteit van zijn bandwerk.
- Het gebouw oogt in eerste instantie een beetje protserig met zijn rode bakstenen gevel, bandwerk in natuursteen en spitse, gotisch aandoende bogen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek