bariton

mannelijk (de)/'baritɔn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) een mannenstem tussen bas en tenor
    Hij had een welluidende bariton.
  2. een man die een stem tussen bas en tenor bezit
    De beroemde bariton trok altijd volle zalen.
  3. muziekinstrument (muziekinstrument) een koperen blaasinstrument

Etymologie

* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘mannenstem tussen bas en tenor’ voor het eerst aangetroffen in 1772

Vertalingen

Engelsbaritone
Spaansbarítono
Poolsbaryton