baseren
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) ~ op: gronden, doen steunenHij baseerde die conclusie op misleidende gegevens.U kunt de tentoonstelling niet op een gerucht baseren. Iedereen zal me uitlachen. Ze lachen u niet uit. Mensen zijn dol op geruchten, meneer Scott.
- (refl) zich ~ op: steunen op, uitgaan vanHij baseerde zich op een uitspraak van de raad uit 1923.
Etymologie
*Van het Engelse base of het Franse baser
Vertalingen
Engelsbase
Fransbaser
Duitsbasieren
Spaansbasar
Italiaansbasare
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek