basisschool

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈbazɪsxoɫ/

Wat is de betekenis van basisschool?

basisschool betekent: (onderwijs) een school voor lager onderwijs

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onderwijs (onderwijs) een school voor lager onderwijs

Voorbeelden van "basisschool" in een zin

  • Morgen zal hun zoontje voor het eerst naar de basisschool gaan.
  • In de Baptistenkerk aan de Hoofdweg zijn deze woensdagmorgen de groepen 6, 7 en 8 van de basisscholen De Blokstoeke en De Fontein bijeen. Want het is Dankdag voor Gewas en Arbeid. En waar in grote delen van Nederland deze christelijke feestdag een vrijwel onbekend fenomeen is geworden, wordt er hier in Westerhaar volop aandacht aan besteed. Tubantia 08-11-07 [https://www.tubantia.nl/almelo-e-o/basisscholen-westerhaar-vieren-dankdag~ac2c5c7a/ Basisscholen Westerhaar vieren Dankdag]
  • De laatste keer dat ze een mode-show had gelopen, was op de basisschool.

Veelgestelde vragen over basisschool

Wat is de betekenis van basisschool?

basisschool betekent: (onderwijs) een school voor lager onderwijs

Welk woordgeslacht heeft basisschool?

basisschool is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Hoe gebruik je basisschool in een zin?

Voorbeeld: “Morgen zal hun zoontje voor het eerst naar de basisschool gaan.

Vertalingen

Engelsprimary school
Fransécole primaire
DuitsGrundschule
Spaansescuela primaria, escuela elemental
Poolsszkoła podstawowa