batik

'batɪk

Wat is de betekenis van batik?

batik betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van batikken

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van batikken
  2. gebiedende wijs van batikken
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van batikken

Voorbeelden van "batik" in een zin

  • Ik batik.
  • Batik!
  • Batik je?

Etymologie

Leenwoord uit het Indonesisch, in de betekenis van ‘gebatikte doek’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1721