bebossing
vrouwelijk (de)/bə'bɔsɪŋ/
Wat is de betekenis van bebossing?
bebossing betekent: het bedekt zijn met bos van een gebied
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het bedekt zijn met bos van een gebied
- het bedekken van een gebied met bos
Voorbeelden van "bebossing" in een zin
- De bebossing van dat gebied is een stuk verminderd door houtkap.
- De bebossing van dat gebied is aardig op gang gekomen.
Etymologie
*Afgeleid van bos
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek