beide
/ˈbɛidə/
Wat is de betekenis van beide?
beide betekent: de een en de ander van twee, het tweetal
Betekenis
telwoord
- de een en de ander van twee, het tweetal
Voorbeelden van "beide" in een zin
- Wat een schattige foto van beide honden. Ze kijken beiden naar hetzelfde.
- Ik duwde de deur met beide handen open en zag dat er ’s nachts een dik pak sneeuw was gevallen, waarvan een stukje geel kleurde toen ik er mijn waterfles in leegde.
Etymologie
* (erfwoord): Middelnederlands beide, bēde, uit Oudnederlands beithe, samengesteld uit een onzijdige dualisvorm *bai (vgl. Gotisch bai ‘beide’) en het bepaald lidwoord the, thie ‘de’ (waarvoor zie de). Evenzo samengesteld zijn Nederduits beid, Duits/Fries beide en Zweeds båda.
Vertalingen
Engelsboth
Fransà la fois, tous les deux
Duitsbeide, beides
Spaansambos, ambas
Italiaansentrambi
Russischоба
Poolsoba, obydwa
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek