belastingbetaler

mannelijk (de)/bə'lɑstɪŋbətalər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die belasting betaalt (in de ogen van de rijken een sukkel)
    Redding van Spaanse bank kost (Spaanse) belastingbetalers 11 miljard euro [http://www.nrc.nl/handelsblad/van/2014/juli/23/redding-van-spaanse-bank-kost-belastingbetalers-11-1402290 www.nrc.nl (23 jul 2014)]
    Vertrouw je de Amerikaanse centrale bank nog? Die vraag staat centraal in een verzoek dat de Duitse belangenvereniging voor belastingbetalers deed aan het ministerie van Financiën. De organisatie wil dat de Duitse regering het goud dat Duitsland opgeslagen heeft in de kluizen van de Federal Reserve in New York terughaalt naar Duitsland.[https://www.nrc.nl/nieuws/2025/05/25/economieblog-maandag-26-mei-t-m-zondag-1-juni-2025-a4894412 www.nrc.nl (30 mei 2025)]

Vertalingen

Engelstaxpayer
Spaanscontribuyente
Portugeescontribuinte