benadeling

vrouwelijk (de)/bə'nadelɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het ondervonden verlies of nadeel
    De benadeling van de supporters was niet in goede aarde gevallen.
  2. juridisch (juridisch) aanzienlijk onevenwicht tussen de wederzijds bedongen prestaties in het kader van een wederkerige overeenkomst.

Etymologie

* van benadelen .

Vertalingen

Engelsinjury, harm, lesion
Franspréjudice, lésion
Duitsenorme Verletzung, Übervorteilung
Spaansperjuicio, lesión enorme, lesión enormísima
Italiaanslesione
Portugeeslesão enorme