bepareld

/bəˈparəlt/

Betekenis

werkwoord
  1. met parels
    Ik had niet graag de volgende, onnavolgbare zin gemist: ‘Er was iets in Lima wat in meters paars satijn was gehuld waaruit een reusachtig opgezwollen hoofd en twee dikke beparelde handen staken; en dat was de aartsbisschop.’ NRC P. Steinz 27 november 2015 [https://www.nrc.nl/nieuws/2015/11/27/de-mens-leeft-toevallig-en-hij-sterft-toevallig-1560778-a112312 De mens leeft toevallig en hij sterft toevallig]
  2. met zweetdruppels
    Cardinale speelt in de film twee klassieke vrouwenrollen ineen: een voormalige hoer en de loyale echtgenote die ze wil zijn. Met haar wilde haren, woeste kohl-omrande ogen, onverzettelijke mond, en, natuurlijk, dat met diamanten zweetdruppeltjes beparelde decolleté. Een jongensdroom die alleen in film kan bestaan. Een meisjesdroom. Voor een tijd die seksueel nog vrijgevochten moest worden. Haar wilde je zijn. Haar wilde je bezitten. NRC D. Linssen 16 september 2016 [https://www.nrc.nl/nieuws/2016/09/16/van-sekssymbool-naar-rolmodel-4320841-a1521962 Van sekssymbool naar rolmodel]