bepreek
Wat is de betekenis van bepreek?
bepreek betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bepreken
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bepreken
- gebiedende wijs van bepreken
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bepreken
Voorbeelden van "bepreek" in een zin
- Ik bepreek.
- Bepreek!
- Bepreek je?
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek