bergschoen

mannelijk (de)/'bɛrxsxun/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. stevige, hoge schoen die geschikt is om bergen mee te beklimmen
    Phoa heeft wel iets weg van een vrouwelijke Indiana Jones, met haar buitenhoofd, lange vlecht, bergschoenen en afgeleefde backpack – de wetenschapper in het wild.
    De politie werd gisteren gealameerd door een bergbeklimmer die tijdens een klimtocht in de buurt van een gletsjer op ongeveer 2500 meter hoogte wat botten en een bergschoen had gevonden.

Vertalingen

Engelsmountain boot, mountaineering boot