berisping
vrouwelijk (de)/bəˈrɪspɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een strenge afkeuring van gedragDe arts kreeg een berisping van het tuchtcollege.Een mengelmoes van berispingen, ontkenningen en verwensingen die zowel fluisterend als luidkeels werden uitgesproken.
Etymologie
*Naamwoord van handeling van berispen .
Vertalingen
Engelsrebuke, reprimand
DuitsRüge, Tadel, Verweis
Spaansvituperio, reprimenda, represión
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek