bespieder

mannelijk (de)/bə'spidər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die op een heimelijke wijze iemand anders in de gaten houdt
    De kwestie haalde in Nieuw-Zeeland weer het nieuws toen afgelopen week een bespieder voor de rechter moest verschijnen in Auckland. Hij wordt ervan beschuldigd dat hij vrouwen in diverse winkelcentra in de stad zou hebben bekeken en gefilmd. Tubantia 31-03-13 [https://www.tubantia.nl/bizar/camera-van-mobieltje-helpt-peeping-tom-in-winkelcentra~a0aba5bc/ Camera van mobieltje helpt Peeping Tom in winkelcentra]
    Voor Parijse nudisten is er eindelijk een plaats in de stad waar ze hun kleren pardoes uit kunnen trekken: een afgezonderde plek in het Bois de Vincennes Park. Nieuwsgierige bespieders komen van een koude kermis thuis, dat wordt niet getolereerd. De Telegraaf 31 aug. 2017 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/325051/eindelijk-plek-in-parijs-voor-nudisten Eindelijk plek in Parijs voor nudisten]

Etymologie

* van bespieden

Vertalingen

Engelsspy, peeper