bestudering

vrouwelijk (de)/bəsty'derɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. nauwkeurig onderzoek
    De arts gaf pas na bestudering van laboratoriumuitslagen een medicatieadvies aan de patiënt.
    Alleen na „grondige bestudering van het recht en de specifieke omstandigheden van deze zaak en met gebruikmaking van alle expertise binnen het OM is overgegaan tot vervolging”, verzekerde Bos. „Niks meer en niks minder”. De wetgever heeft volgens het OM nu eenmaal gekozen „voor een actieve bescherming tegen discriminatie”. NRC Marcel Haenen 16 november 2016

Etymologie

*afleiding van van bestuderen en