betovering
Wat is de betekenis van betovering?
betovering betekent: een op magische wijze opgelegde verandering
Betekenis
- een op magische wijze opgelegde verandering
Voorbeelden van "betovering" in een zin
- „Het was een bewolkte, zwoele namiddag; de matrozen hingen lui op het dek rond of staarden wezenloos over het loodkleurige water. Queequeg en ik waren rustig een zogenaamde zwaardmat aan het weven als extra sjorring voor onze sloep. Om ons heen was alles zo stil en gedempt en toch ook vervuld van wat ging komen en in de lucht hing zo’n mijmerachtige betovering dat die zwijgende mannen stuk voor stuk in hun eigen onzichtbare ik leken op te gaan.
Betekenis en uitleg van betovering
Betovering verwijst naar een magische of fascinerende invloed die iemand of iets op je kan uitoefenen. Het is het gevoel dat je in een andere wereld word getrokken, vaak door schoonheid, mysterie of charme.
Dit woord wordt vaak gebruikt in de context van verhalen, films of kunst, waar iets of iemand zo indrukwekkend is dat het je in vervoering brengt. Betovering kan ook verwijzen naar een gevoel van verwondering in het dagelijks leven, zoals wanneer je een prachtig landschap ziet of een emotionele muziekstuk hoort. Het draagt een positieve connotatie en suggereert een tijdelijke ontsnapping aan de realiteit.
Voorbeelden
- De betovering van de sterrenhemel maakte de nacht onvergetelijk.
- Zij voelde een sterke betovering toen ze het schilderij voor het eerst zag.
- De magische sfeer van het festival zorgde voor een betovering die iedereen raakte.
Woordoorsprong
Het woord 'betovering' komt van het Nederlandse 'betoveren', wat 'toveren' of 'verleiden' betekent, met het voorvoegsel 'be-' dat een proces of toestand aanduidt.
Veelgestelde vragen over betovering
Wat is de betekenis van betovering?
betovering betekent: een op magische wijze opgelegde verandering
Welk woordgeslacht heeft betovering?
betovering is een vrouwelijk (de).
Hoe gebruik je betovering in een zin?
Voorbeeld: “„Het was een bewolkte, zwoele namiddag; de matrozen hingen lui op het dek rond of staarden wezenloos over het loodkleurige water. Queequeg en ik waren rustig een zogenaamde zwaardmat aan het weven als extra sjorring voor onze sloep. Om ons heen was alles zo stil en gedempt en toch ook vervuld van wat ging komen en in de lucht hing zo’n mijmerachtige betovering dat die zwijgende mannen stuk voor stuk in hun eigen onzichtbare ik leken op te gaan.”
Etymologie
*Naamwoord van handeling van betoveren