bevallen
/bəˈvɑlə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) iets als aangenaam ervarenDie houding beviel hem geenszins.Het werk beviel hem niet erg, hij bleef er alleen vanwege zijn moeder. {{Aut|Lemaitre, PierreDe afwisseling op kantoor was haar namelijk prima bevallen.
- (erga) het leven schenken aan een kindZij is thuis van een wolk van een zoon bevallen.
Etymologie
* *afgeleid van vallen
Vertalingen
Engelsplease, deliver
Fransplaire, accoucher
Duitsgebären
Spaansgustar, agradar, parir
Poolspodobać sie
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek