woorden
boek
Start
›
B
›
bevreesdheid
bevreesdheid
vrouwelijk (de)
/bə'vresthɛɪt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het bang zijn; het vol vrees zijn
Etymologie
* afleiding van bevreesd
Verwante woorden
bevraag
bevraagbaar
bevraagd
bevraagde
bevraagden
bevraagt
bevracht
bevrachte
bevrachten
bevrachter
bevrachters
bevrachting
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← bevreesder
bevriend →