bezig
Wat is de betekenis van bezig?
bezig betekent: aan het werken
Betekenis
- aan het werken
- altijd aan het werken, vlijtig
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bezigen
- gebiedende wijs van bezigen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bezigen
Voorbeelden van "bezig" in een zin
- Bezig met de afwas.
- Ik ben bezig, ik heb het druk, ik ben bezet.
- Hij is een bezig persoon.
- Ik bezig.
- Bezig!
Betekenis en uitleg van bezig
Het woord 'bezig' verwijst naar een staat van activiteit of betrokkenheid bij een bepaalde taak of bezigheid. Wanneer je iets doet of je bent druk in de weer, dan ben je 'bezig'.
'Bezig' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand actief is met iets of dat er veel gaande is in iemands leven. Het kan zowel positieve als neutrale connotaties hebben, afhankelijk van de context; iemand kan bijvoorbeeld 'bezig zijn met een project' of 'bezig zijn met het huishouden'. Het woord benadrukt een dynamische toestand en kan ook gebruikt worden om aan te geven dat je geen tijd hebt voor andere dingen.
Voorbeelden
- Ik ben momenteel bezig met het afronden van mijn scriptie.
- Ze is altijd druk bezig met het organiseren van evenementen voor haar vrienden.
- Tijdens de vakantie was ik vooral bezig met het lezen van boeken en ontspannen.
Woordoorsprong
Het woord 'bezig' komt van het Middelnederlandse 'besich', wat 'druk, bezig' betekent. Het is verwant aan het Duitse 'besorgt', dat 'bezorgd' of 'zorgzaam' betekent.
Veelgestelde vragen over bezig
Wat is de betekenis van bezig?
bezig betekent: aan het werken
Hoeveel betekenissen heeft bezig?
bezig heeft 5 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Hoe gebruik je bezig in een zin?
Voorbeeld: “Bezig met de afwas.”
Etymologie
In de betekenis van ‘werkzaam’ voor het eerst aangetroffen in 1240