bezig

/bezɪx/

Wat is de betekenis van bezig?

bezig betekent: aan het werken

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met artikelreferenties, woorden met boekreferenties aan het werken
  2. altijd aan het werken, vlijtig
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bezigen
  2. gebiedende wijs van bezigen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bezigen

Voorbeelden van "bezig" in een zin

  • Bezig met de afwas.
  • Ik ben bezig, ik heb het druk, ik ben bezet.
  • Hij is een bezig persoon.
  • Ik bezig.
  • Bezig!

Etymologie

In de betekenis van ‘werkzaam’ voor het eerst aangetroffen in 1240

Vertalingen

Duitsfleißig, beschäftigt
Engelsbusy
Fransoccupé
Spaansocupado