bezitten

/bə'zɪtə(n)/

Wat is de betekenis van bezitten?

bezitten betekent: (ov) iets in eigendom hebben

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) iets in eigendom hebben
  2. vnl. lijdende vorm + van geestelijk geobsedeerd worden

Voorbeelden van "bezitten" in een zin

  • ' 'De bevoorrechte mensen in deze stad bezitten huizen op het platteland omdat ze personeel hebben,' zegt Nella.
  • Daarbij bezitten die twee jonkies mechanismen waardoor de reacties van hun zintuigen aanleiding geven tot een bepaald gedrag.
  • Hij bezat een groot landgoed in Frankrijk.
  • Hij was bezeten van snelle auto's en mooie vrouwen.

Etymologie

*Afgeleid van zitten

Vertalingen

Engelspossess, own
Fransposséder
Duitsbesitzen
Spaansposeer
Italiaanspossedere
Poolsposiadać