Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
bibit
/ˈbi.bɪt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- zaailing; jonge aanplant van rijstDe regen valt iederen middag rijkelijk neer; de bevolking is druk bezig met het bewerken der sawahs en het planten van bibit[https://www.delpher.nl/nl/kranten/view?query=rampokker&coll=ddd&sortfield=date&identifier=ddd%3A011031651%3Ampeg21%3Aa0002&resultsidentifier=ddd%3A011031651%3Ampeg21%3Aa0002 Bataviaasch nieuwsblad 1 december 1869.]
Etymologie
*Uit Maleis bibit
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek