bijweg
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een kleinere secundaire wegHet probleem is dat er een stadsklimaat moet ontstaan. Het is niet alleen wonen, er wordt ook gewerkt, er zijn openbare plaatsen, hoofd- en bijwegen, voetgangersgebieden. Er moet een mix ontstaan van alle mogelijke functies.” NRC Joke Mat 12 november 1997 [https://www.nrc.nl/nieuws/1997/11/12/derde-architectuurbiennale-van-sao-paolo-geopend-rietveld-7375554-a1155759 Derde architectuurbiënnale van São Paolo geopend; Rietveld in een Braziliaanse hangar]Het is de enige dag in het joodse jaar waarop vaders hun kinderen op straat leren fietsen zonder steunwieltjes, grote groepen kinderen en tieners op hoofd- en bijwegen tochten maken en de racefietsers ongehinderd honderden kilometers kunnen rijden zonder in de ongevallenstatistieken te belanden. NRC 28 september 2004 [https://www.nrc.nl/nieuws/2004/09/28/seculier-fietsen-in-israel-op-yom-kippur-7703726-a964205 Seculier fietsen in Israël op Yom Kippur]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek