binocle
mannelijk (de)/xxxx/
Wat is de betekenis van binocle?
binocle betekent: (optica) een knijpbril of binoculaire verrekijker, onder meer gebruikt om toneelvoorstellingen beter te zien
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (optica) een knijpbril of binoculaire verrekijker, onder meer gebruikt om toneelvoorstellingen beter te zien
Voorbeelden van "binocle" in een zin
- Hij droeg nog z'n ouderwetse binocle.
- En vluchtte hij als de trappen af, bang, dat iemand hem na zou roepen, dat hij zijn binocle vergat.Louis Couperus, [http://dbnl.org/tekst/coup002proz02_01/coup002proz02_01_0011.php De binocle], Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren
Veelgestelde vragen over binocle
Wat is de betekenis van binocle?
binocle betekent: (optica) een knijpbril of binoculaire verrekijker, onder meer gebruikt om toneelvoorstellingen beter te zien
Welk woordgeslacht heeft binocle?
binocle is een mannelijk (de).
Wat zijn synoniemen van binocle?
Synoniemen van binocle zijn: binoculair.
Hoe gebruik je binocle in een zin?
Voorbeeld: “Hij droeg nog z'n ouderwetse binocle.”
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘dubbele veld- of toneelkijker’ voor het eerst aangetroffen in 1778
Vertalingen
Engelspair of binoculars, binocs
Fransbinocle
DuitsBinokel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek