bodemvrijheid
vrouwelijk (de)/'bodəmvrɛɪhɛɪt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (werktuigbouwkunde) afstand tussen het laagste punt aan de onderkant van een voertuig en het bodemoppervlak
Vertalingen
Spaansaltura de marcha
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek