boekhoudster
vrouwelijk (de)/'bukhɔutstər/
Wat is de betekenis van boekhoudster?
boekhoudster betekent: (beroep) een vrouw die boekhouder van beroep is
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) een vrouw die boekhouder van beroep is
Voorbeelden van "boekhoudster" in een zin
- De middelbare Solness (Mark Rietman) verruilt zijn jonge boekhoudster Kaja (Marit Meijeren) voor een ander jong ding, de mysterieuze indringer Hilde (Anna Raadsveld). Zijn angst voor de jeugd, voor het verlies van zijn status als geslaagde architect drijven hem tot zijn affaires, zegt hij.Ron Rijghard NRC 27 april 2015
Veelgestelde vragen over boekhoudster
Wat is de betekenis van boekhoudster?
boekhoudster betekent: (beroep) een vrouw die boekhouder van beroep is
Welk woordgeslacht heeft boekhoudster?
boekhoudster is een vrouwelijk (de).
Hoe gebruik je boekhoudster in een zin?
Voorbeeld: “De middelbare Solness (Mark Rietman) verruilt zijn jonge boekhoudster Kaja (Marit Meijeren) voor een ander jong ding, de mysterieuze indringer Hilde (Anna Raadsveld). Zijn angst voor de jeugd, voor het verlies van zijn status als geslaagde architect drijven hem tot zijn affaires, zegt hij.Ron Rijghard NRC 27 april 2015”
Etymologie
* van boekhouden
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek