boompieper

mannelijk (de)/ˈbompipər/

Wat is de betekenis van boompieper?

boompieper betekent: (zangvogels) insectenetende zangvogel die inheems is vrijwel geheel Europa

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) insectenetende zangvogel die inheems is vrijwel geheel Europa

Voorbeelden van "boompieper" in een zin

  • De boompieper houdt meer van open bos en heidevelden.

Veelgestelde vragen over boompieper

Wat is de betekenis van boompieper?

boompieper betekent: (zangvogels) insectenetende zangvogel die inheems is vrijwel geheel Europa

Welk woordgeslacht heeft boompieper?

boompieper is een mannelijk (de).

Hoe gebruik je boompieper in een zin?

Voorbeeld: “De boompieper houdt meer van open bos en heidevelden.

Vertalingen

Engelstree pipit
Franspipit des arbres, trädpiplärka
DuitsBaumpieper
Spaansbisbita arbóreo