Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

boomsuiker

mannelijk (de)/ˈbomsΕ“ykΙ™r/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. suiker gewonnen uit het sap van bomen
    Deze esdoorns leveren erg goede boomsuiker.

Vertalingen

Engelsmaple sugar
Franssucre d'Γ©rable
DuitsAhornzucker