boren

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) met een werktuig dat om zijn as draait een rond gat in iets maken
    Hij boorde een gat in de muur om er een schilderijtje te kunnen ophangen.
    Shell boort naar olie en gas.
    Normaal gesproken was dat geen enkel probleem geweest, ze gebruikten een eenvoudige en beproefde techniek met platen en bouten voor de samenvoeging. Maar met bevroren stammen ging het meteen mis als je de bouten erin probeerde te forceren, het was alsof je in glas boorde.
  2. iets of iemand strak aankijken
    Haar blik boorde zich in de ogen van Jeroen.
    Van het ene op het andere moment boorden de staalblauwe ogen van Steiner zich in Jeroens blik.

Etymologie

* In de betekenis van ‘een gat maken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Vertalingen

Engelsdrill
Fransforer
Duitsbohren
Spaansagujerear, agujerar, perforar
Italiaansperforare, trapanare, trivellare
Portugeesfurar
Russischсверлить