Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

boszangers

/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een familie van kleine, veelal bruingroene zangvogels uit de familie . De correcte Nederlandse naam is 'boszangers', maar vogelaars spreken eerder over "phylloscopen" (ev. "phylloscoop") of "phyllo's". Het geslacht telt 80 soorten

Etymologie

* "boszanger" met de uitgang -s