Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
boszangers
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) een familie van kleine, veelal bruingroene zangvogels uit de familie . De correcte Nederlandse naam is 'boszangers', maar vogelaars spreken eerder over "phylloscopen" (ev. "phylloscoop") of "phyllo's". Het geslacht telt 80 soorten
Etymologie
* "boszanger" met de uitgang -s
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek